Rock Against Racism: muziek kan een verschil maken

Veertig jaar geleden was het Victoria Park in Oost-Londen het toneel voor een groots muzikaal evenement in het teken van het antiracisme. Honderdduizend mensen dansten er op de muziek van onder meer Tom Robinson en The Clash. In de verkiezingen een maand later leed het extreemrechtse National Front zware verliezen.

Dirk Tuypens - Dit artikel komt uit het magazine Solidair van maart-april 2018. Abonnement

Birmingham, 5 augustus 1976. Op het podium van zaal Odeon bijt een dronken Eric Clapton het publiek toe dat Engeland een zwarte kolonie dreigt te worden. “We moeten ze allemaal terugsturen”, fulmineert hij. De populaire gitaarheld scandeert de slogan van het extreemrechtse National Front (NF): “Hou Groot-Brittannië wit!”. Hij spreekt zijn steun uit voor Enoch Powell, een conservatief politicus die acht jaar eerder in zijn beruchte speech “Rivers of Blood” fel tekeer ging tegen de zogeheten massa-immigratie.

Rockfotograaf Red Saunders is woedend. Hij schrijft een open brief, waarin hij Clapton er fijntjes aan herinnerd dat zijn muziek voor minstens de helft zwart is. Clapton scoorde twee jaar eerder nog een monsterhit met een cover van I shot the sheriff, een song van Bob Marley. “Who shot the Sheriff, Eric? It sure as hell wasn’t you”, schrijft Saunders sarcastisch.

In de open brief roepen Saunders en zijn medeondertekenaars op om een nieuwe beweging tegen het racisme op te bouwen: Rock Against Racism (RAR). Op twee weken tijd wordt de oproep zeshonderd keer beantwoord.

Racistisch geweld

Clapton probeert later zijn woorden wat te nuanceren. Ze zouden niet gericht zijn tegen elke minderheidsgroep, maar tegen de rijke Arabieren die volgens hem Londen overnemen. Maar de geest is uit de fles.

Groot-Brittannië bevindt zich in de eerste grote economische crisis sinds de Tweede Wereldoorlog. Er worden enorme besparingen doorgevoerd en de werkloosheid neemt pijnlijke proporties aan. De Britse mainstream cultuur is doordrongen van racisme. Het NF, opgericht in 1967, is in volle opmars. De partij trekt met vlaggen en trommels door de straten en gaat steeds driester tekeer tegen migranten. Het racistisch geweld laait op.

Clapton is niet de enige rockheld die zich op glad ijs waagt. In hetzelfde jaar doet ook David Bowie controversiële uitspraken. “Ja, ik geloof sterk in het fascisme”, verklaart hij in een interview. Volgens Bowie zou de Britse samenleving gediend zijn met een rechts en dictatoriaal regime.

Wij willen rebelse muziek

RAR begon als een grass-roots beweging, zonder sterren en celebrities. Ze ontwikkelde zich in een tijd waarin ook de punkbeweging groot werd. Het werd een netwerk dat jongeren leerde hoe ze zelf concerten en festivals moesten organiseren. Op de affiche stonden punk- en reggaegroepen, witte en zwarte muzikanten samen.

In november 1976, drie maand na de open brief van Saunders, organiseert RAR een eerste concert in Londen. Een jaar later publiceert de beweging een eigen magazine: Temporary Hoarding. Het edito in het eerste nummer leest als een manifest: “Wij willen rebelse muziek, straatmuziek, muziek die de angst van mensen voor elkaar afbreekt. Crisismuziek. Muziek van nu. Muziek die weet wie de echte vijand is. Rock Against Racism. Love Music Hate Racism.”

Battle of Lewisham

Op 13 augustus 1977 organiseert het NF een grote mars in Lewisham, een wijk in Zuid-Londen. Vijfhonderd deelnemers protesteren tegen het stijgende aantal overvallen op straat, die ze toeschrijven aan de lokale zwarte bevolking. “Vooruit met het National Front, dood de zwarten!”, scanderen ze.

De All-Lewisham Campaign Against Racism and Fascism (Alcaraf) roept op tot een tegenbetoging, waarvoor zo’n 4000 mensen komen opdagen. Er volgt een ware veldslag, het hevigste straatgeweld dat Londen heeft gezien sinds de Tweede Wereldoorlog. Vierduizend politieagenten worden ingezet. Er worden 214 mensen gearresteerd, 111 mensen raken gewond. Het NF moet het onderspit delven. De neo-fascisten worden geconfronteerd met een overmacht van tegenbetogers, hun geplande mars kan niet doorgaan.

Syd Shelton, een begenadigd fotograaf die de RAR-beweging van bij het begin documenteert, ziet de Battle of Lewisham als een cruciaal keerpunt: “De autoriteiten hadden een campagne tegen overvallen op straat opgezet, maar onderhuids werd daarmee de boodschap meegegeven dat zwarte mensen daarvoor verantwoordelijk waren. Als gevolg viel de politie dertig huizen in Lewisham binnen, arresteerde eenentwintig jonge mensen en sloot hen op … Na de Battle of Lewisham wisten we dat we te maken hadden met institutioneel racisme van de politie en de autoriteiten evenals het georganiseerde racisme van het NF.”

In 1977 kan RAR rekenen op de steun van zowat alle grote namen uit de punkwereld: Stiff Little Fingers, Sham 69, Tom Robinson, Steel Pulse, Misty in Roots en The Clash. Ook Billy Bragg sluit zich aan: “De fascisten waren tegen iedereen die anders wilde zijn. Eens ze afgerekend zouden hebben met de migranten, zouden ze opschuiven naar de homo’s en dan naar de punks. Voor ik het door zou hebben, zou de muziek waar ik van hield gerepatrieerd worden.”

RAR slaat de handen in mekaar met de Anti-Nazi League (ANL), in 1977 opgericht door de Socialist Workers Party. Ze plannen een grote demonstratie in het voorjaar van 1978 om mensen aan te sporen bij de verkiezingen in mei tegen het NF te stemmen. De datum voor dit grootse evenement wordt vastgelegd op 30 april.

Een Woodstock van het antiracisme

“Het grootste stuk revolutionair straattheater dat Londen ooit gezien heeft, een eerbetoon ter gelegenheid van de 10de verjaardag van de evenementen van mei 1968 in Parijs”, zo omschrijft auteur en journalist David Widgery wat de organisatoren voor ogen hebben. En die allures krijgt het ook.

Op 30 april trekken zo’n 100.000 mensen van Trafalgar Square naar het elf kilometer verder gelegen Victoria Park, om daar een openluchtconcert bij te wonen met Tom Robinson en The Clash als hoofdacts. Deze locatie is niet toevallig uitgekozen. “We wilden het concert in Oost-Londen hebben, het hart van de werkende klasse, waar het National Front een achterban probeerde op te bouwen”, zegt co-organisator Roger Huddle. “Het concert draaide helemaal rond de eenheid tussen zwart en blank, dus het was belangrijk om zwarte en blanke mensen samen op het podium te hebben.”

“Het hele park sprong op en neer op de muziek van The Clash”, herinnert fimmaakster Gurinder Chadha zich. “Het was een ontzettend emotioneel moment. Voor het eerst voelde ik mij omringd met mensen die aan mijn kant stonden. Ik voelde toen dat er iets voorgoed veranderd was in Groot-Brittannië. Voor RAR was er geen bewustzijn dat het niet ok is om racist te zijn. Met RAR zagen we dat er mensen waren die zich wilden uitspreken tegen racisme en over een ander Groot-Brittannië wilden spreken.”

Schreeuwerig fascisme

Het rockevenement mist zijn doel niet. Bij de verkiezingen in mei 1978 ziet het NF haar score sterk terugvallen. “We hebben hen geïsoleerd op het werk en in de scholen”, zegt Roger Huddle. “Uiteindelijk was het mentaal en politiek voor hen voorbij. Ik wil niet overroepen wat we hebben gedaan, maar ik ben het ook kotsbeu om het te onderschatten.”

Het verlies van het NF wordt vaak ook toegeschreven aan de winst van de conservatieven. Boegbeeld Margaret Thatcher heeft het migratiethema deels naar zich toe getrokken met de stelling dat Engeland overrompeld wordt door mensen van een andere cultuur. Maar het is onmiskenbaar zo dat het NF door RAR en de ANL in diskrediet is gebracht.

Tegen eind 1978 heeft RAR zo’n driehonderd concerten georganiseerd. Die worden geregeld verstoord door skinheads van het NF. Muzikanten worden bedreigd omwille van hun politieke stellingname.

In 1981 houdt RAR ermee op. In Leeds wordt een laatste concert georganiseerd, met The Specials als hoofdact. Jerry Dammers van The Specials herinnert zich dat concert goed: “Het NF had diezelfde dag een mars georganiseerd. Het was een beangstigend zicht, ze zagen er erg sinister uit met hun vlaggen. Het was akelig om dat schreeuwerige fascisme door Engeland te zien marcheren.”

Niemand wordt als racist geboren

Red Saunders, die met zijn open brief aan Eric Clapton het startschot gaf voor RAR, omschrijft de betekenis van de beweging als volgt: “Wat Rock Against Racism ons leert, is dat iedereen kan tussenkomen, een verschil kan maken en dingen kan veranderen: niets is onvermijdelijk.” RAR radicaliseerde een generatie en liet zien dat muziek meer kan doen dan alleen entertainen: ze kan ingezet worden voor politieke kwesties en kan een verschil maken.

“Niemand wordt als racist geboren, het is iets wat je leert. Het is een hardnekkig ding om tegen te vechten, maar we moeten dat wel doen”, zegt fotograaf Syd Sheldon.

Voor Eric Clapton duurt het alvast erg lang om tot andere inzichten te komen. In 2008 nog herhaalt hij dat Enoch Powell een “moedig man” was. Pas in 2017, in de documentaire A life in 12 bars, klinkt het plots anders: “Ik was zo gedegouteerd van mezelf. Het was shockerend en onvergeeflijk. Ik was zo beschaamd over wie ik was, een soort semi-racist, en dat sloeg nergens op.”

 

Rock Against Racism-optocht, Trafalgar Square, 1978. (Foto Sarah Wyld / Wikimedia)